Jacobus en zijn legendarische familie

De summiere gegevens uit de bijbel over Jacobus worden snel aangevuld met allerlei verhalen die antwoord geven op vragen over het leven van Jacobus. Vragen als ‘wie was zijn moeder’ en ‘waar ging Jacobus na Pinksteren naar toe’ worden in deze verhalen beantwoord.

Heilige Anna en haar familie

Alle rechten voorbehouden

De moeder van Jacobus
Het duurt niet lang of de geringe biografische gegevens uit de bijbel worden aangevuld met legendarische verhalen. Zo kan er uit de bijbelverhalen niet worden opgemaakt wie de moeder van Jacobus is. In de Middeleeuwen ontstaat dan ook de legende dat Maria Salomé de moeder van Jacobus zou zijn. Zij is een van de drie Maria’s die op paasmorgen het lege graf van Christus aantreft. Volgens overleveringen is Maria Salomé de halfzuster van Maria, de moeder van Jezus. Beiden zijn de dochter van Anna.


Het maagschap
Anna trouwt drie keer en krijgt uit ieder huwelijk een dochter die ze Maria noemt. In de middeleeuwen wordt ze zeer vaak afgebeeld, samen met haar familie, haar ‘maagschap’. Het maagschap is de groep naaste verwanten van Jezus in de vrouwelijke lijn. De samenstelling van de heilige Maagschap wordt beschreven door Jacob de Voragine (1230-1298) in zijn Legenda aurea, de Gulden legende. De samenstelling hiervan is deels ontleend aan gegevens uit de bijbel en apocriefe evangeliën en deels aan legenden over Jezus' familierelaties die in de loop der tijd zijn ontstaan. Op de schilderijen met het heilig Maagschap worden de kleinkinderen van Anna vaak spelend met elkaar afgebeeld. Ze dragen een attribuut waaraan ze al te herkennen zijn als volwassen apostelen.

Anna, de grootmoeder van Jacobus
Volgens de overlevering leven in de eerste eeuw voor Christus in Judea de vrome Anna en haar man Joachim. Het echtpaar is al twintig jaar kinderloos. Wanneer Joachim in Jeruzalem een offer wil brengen in de tempel wordt hem vanwege zijn onvruchtbaarheid de toegang ontzegd. Daarna vlucht de vernederde man de stad uit. Buiten op de velden kondigt een engel hem de geboorte van een dochter aan. Joachim gaat terug naar Jeruzalem en ontmoet zijn vrouw bij de stadspoort. Ook zij blijkt een engel te hebben gezien. Anna wordt zwanger en baart een dochter: Maria, de latere moeder van Jezus. Na de dood van Joachim trouwt Anna nog twee maal. Met haar derde echtgenoot, Salomas, krijgt zij een derde dochter, Maria Salomé.

De populariteit van Anna
Anna en Joachim komen niet voor in de bijbel. Voor het eerst worden ze genoemd in het zogenoemde Proto-evangelie van Jakobus (ca. 150). In latere eeuwen wordt hun levensverhaal uitgebreid. De verering van Anna komt in het oosters christendom al in de zesde eeuw voor. Pas vanaf de tiende eeuw wordt ze in het Westen vereerd. Daar bloeit in de late Middeleeuwen de Anna-devotie volop. Ze wordt ontelbare keren als zorgzame oma afgebeeld. Vanaf de zestiende eeuw komt er kritiek op de verering van Anna, vooral vanwege haar drie huwelijken (trinubium).

Jacobus predikt in Spanje
Over de jeugd van Jacobus zijn verder geen verhalen bekend. De bijbel begint bij het moment dat hij als volwassen visser door Jezus wordt geroepen en alles achterlaat om Jezus te volgen. Na Pinksteren gaat Jacobus prediken in Judae en Samaria. Omdat het de bedoeling is Gods woord over de wereld te verspreiden, vertrekt hij volgens de legende naar het Iberisch schiereiland (het huidige Spanje). Daar reageren mensen echter niet enthousiast op zijn boodschap, iets wat Jacobus zeer bedroefd stemt. Maria, die op dat moment bij zijn broer Johannes in Jeruzalem woont, zal hem tot twee keer toe te hulp schieten.
De eerste keer dat ze verschijnt, komt ze aangevlogen omringd door engelen. Ze landt op een zuil aan de oever van de Ebro. Ze spreekt Jacobus toe en laat hem de eerste kerk gewijd aan Maria ter wereld bouwen, de Nuestra Señora del Pilar in Zaragoza. De tweede keer komt ze met een stenen bootje en een schare engelen naar Spanje. Het bootje en het zeil laat ze achter op de plek waar ze aan land komt. Ze spreekt Jacobus moed in en vliegt vervolgens met de engelen terug naar Jeruzalem. De plaats waar ze haar bootje achterlaat groeit uit tot het bedevaartsoort Nuestra Señora de la Barca. Ondanks de steun van Maria wordt de missie van Jacobus geen succes en hij vertrekt naar Jeruzalem.

Alle rechten voorbehouden

Media